|
|
|
|
Chesapeake Bay Retriever Algemeen De Chesapeake
moet blijmoedig en vrolijk zijn. Hij heeft een schrandere uitdrukking, met de
algemene belijning, die indrukwekkend is en de goede werker toont. De hond moet
goed evenredig zijn. Een hond met een goede vacht en goed evenredig in andere
punten gaat boven een exemplaar dat in sommige punten schittert maar in andere
faalt. De hoedanigheid van het haar is zeer belangrijk, omdat de hond voor de
jacht wordt gebruikt onder alle weersomstandigheden, vaak in sneeuw en ijs. Het
vet in het harde boven- en het wollige onderhaar is van bijzondere waarde: het
belet dat het koude water tot de huid van de hond doordringt en helpt bij het
vlugge drogen. De vacht van een Chesapeake moet het water op dezelfde wijze
afhouden als de veren van een eend dat doen. Als hij uit het water komt en zich
afschudt, mag de vacht daarna in het geheel geen water meer vasthouden maar
slechts vochtig zijn. Kleur en haar zijn buitengewoon belangrijk, omdat de hond
voor de eendenjacht wordt gebruikt. De kleur moet zoveel mogelijk met de omgeving
overeenstemmen. Dit, en het feit dat de hond is blootgesteld aan alle soorten
ongunstige weersomstandigheden, maken dat aan de kleur en de hoedanigheid van
het haar alle aandacht moet worden geschonken bij het keuren. Bij het kiezen en
fokken van de Chesapeake Bay Retriever moet in de eerste plaats gelet worden op
karakter, moed, lust in het werk, levendigheid, reukvermogen, schranderheid,
graag te water gaan, algemene waarde, en voor alles op aanleg. Puntenschaal: N.B.: de
waarde van vacht en algemene evenredigheid gaat boven welke puntenlijst dan ook,
die men zou kunnen opmaken. Hoofd Brede en ronde
schedel met middelmatige stop. Middelmatige neus. Korte snuit die versmalt, maar
niet scherp uitloopt. Dunne lippen, geen hanglippen. Gebit Onder- of
bovenvoorbijten zijn gebreken die prijzen uitsluiten. Oren Klein, goed hoog
aan het hoofd aangezet, los neerhangend en met middelmatige lel. Ogen Middelmatig
groot. Ooghoeken ongeveer 8 cm uit elkaar. Lichaam Hals van
middelmatige lengte, maakt een gespierde indruk en neemt naar de schouders toe
in dikte. De schouders zijn schuin en moeten volle vrijheid van beweging hebben
met volop kracht, zonder enige belemmering. Sterke, diepe en brede borst. Ribben
zijn gewelfd, zonder overdrijving. Romp van middelmatige lengte, niet kort en
niet gedrongen, niet met een karperrug, maar eerder bijna hol. De flanken zijn
goed opgetrokken. De achterband moet even hoog zijn als, of iets hoger dan de
schouders. Deze moet zeker evenveel kracht tonen als de voorhand. Er mag geen
zweem van zwakte, hetzij in de voorhand, hetzij in de achterhand bestaan. De
achterhand moet bijzonder krachtig zijn om de stuwkracht voor het zwemmen te
leveren. De rug moet kort, sterk in de verbindingen en krachtig zijn. Een goede
achterhand is belangrijk. Benen De benen moeten
middelmatig lang zijn en recht, goed voorzien van beenderen en spieren, met goed
grote hazevoeten. Hoe rechter de benen, hoe beter. Voeten Goed grote
hazevoeten, flink van zwemvliezen voorzien. De tenen zijn flink rond en
gesloten, de middenvoeten iets gebogen. Zowel de middenvoeten als sprongen zijn
van middelmatige lengte. Staart Middelmatig lang.
Varieert bij reuen van 30,5-38 cm, bij teven van 28-35,5 cm. Middelmatig zwaar
bij het begin. Matige bevedering van de staart is geoorloofd. De staart mag niet
over de rug krullen of zijwaarts gedraaid zijn. Vacht Het haar moet
kort en dik zijn, nergens langer dan 2,5-3,75 cm, met dicht, fijn, wollen
onderhaar. Het haar op de snuit en benen moet zeer kort en recht zijn, en er mag
geen sprake zijn van krullen. Kleur Elke kleur tussen
donkerbruin en fletsbruin, of de kleur van dood gras. Onder dood gras moeten
alle soorten van dood gras worden verstaan, van roodbruin (tan) af tot doffe
strokleur toe. Witte vlek op borst en tenen is toegestaan, maar hoe kleiner de
plek, hoe beter. Streng éénkleurig geniet de voorkeur. Bijzonderheden
Gebreken die van
prijzen uitsluiten: zwart of leverkleurig; wit op enig deel van het lichaam
behalve de borst en/of plekken op de tenen; bevedering langer dan ongeveer 4,5
cm op de staart en de achterbenen; hubertusklauwen, onder- of bovenvoorbijten of
enigerlei afwijking; gekrulde vacht, of vacht die neiging tot krullen toont over
het gehele lichaam; honden die geen prijs waard zijn of in raskenmerken te kort
schieten. Benaderde maten:
lengte hoofd, neus tot achterhoofd ruim 24-25,4 cm; omtrek bij de oren 50,8-53,3
cm; snuit onder de ogen 25,4-26,7 cm; lengte van de oren 11,5-12,7 cm; afstand
tussen de ogen 6,3-7 cm; omtrek hals dicht bij de schouder 50,8- bijna 56 cm;
omtrek borst bij ellebogen bijna 89-bijna 91,5 cm; omtrek bij de lendenen
61-63,5 cm; lengte van achterhoofd tot staartaanzet 86,3-bijna 89 cm; omtrek
voorarmen bij schouders 25,4-26,7 cm; omtrek dij 48,25-50,8 cm; van het begin
van het oor tot het begin van het oor over de schedel 12,7-15,25 cm; achterhoofd
tot top schouderbladen bijna 23-ruim 24 cm; van elleboog tot elleboog over de
schouders 63,5-66 cm. Niet-officiële
aantekening in de uitgave van de American Chesapeake Club: sprongen moeten goed
laag zijn en middelmatig gebogen; steile benen of benen die koehakkig zijn, zijn
verkeerd; kleuren tussen donkerbruin en dood gras hebben gelijke waarde; goed
lopen is een eerste vereiste.
|
|
U kunt een e-mailbericht met vragen of opmerkingen over deze website verzenden aanbeheer@hondenschool-appel.nl
Copyright © 2001 Hondenschool Appèl
|